De geschiedenis van de Arnhemsemeisjes

Om meer over de Arnhemsemeisjes te weten te komen zijn we naar de achterkleinkinderen van oud bakker Hagdorn uit 1829 gegaan.

Mevrouw Guusta en haar broer, de heer Albert Hagdorn, hebben de zaak op het adres Grote Oord 14 in Arnhem van hun vader overgenomen, met de traditie van de Arnhemsemeisjes. En omdat alle Arnhemsemeisjes uit het “Huis Hagdorn” stammen, laten we ere wie ere toekomt, hen graag aan het woord voor een niet onbelangrijk stukje geschiedenis. Overgrootvader Hagdorn werd in 1824 chef-bakker bij Bakkerij van Zalinge op de Grote Oord, een straat in het hart van Arnhem, waar vroeger ook openbare rechtszittingen werden gehouden. Zoals de meeste banketbakkers, was de oude Hagdorn een zakeman/kunstenaar. Hij experimenteerde graag met steeds weer andere vormen en baksels, die “fijn op de tong” en “aantrekkelijk voor het oog” moesten zijn, zodat de klantenkring en de omzet er wellicht door zouden kunnen worden vergroot.

Op zoek naar iets , dat het goed zou doen op feesten en partijen, bakte hij op zekere dag in 1829 een koekje van gerezen gistdeeg, dat de vorm had van een miniatuur schoenzool. Het was een knapperig, enigszins gebold pittig koekje, dat hij rijk met suiker bestrooide.

Grootvader Everard nam in 1907 na de dood van bakker van Zalinge het bedrijf aan de Grote Oord, waar dus de “Arnhemse Meisjes” tot dan toe in de bakkerij van van Zalinge waren gemaakt, naar recept van zijn vader, over. Hiertoe uitgenodigd door de erven van Zalinge, wegens door de jaren bewezen diensten en betoond vakmanschap.

In 1925/26 werd het oude pand gesloopt en herbouwd. In 1934 kwam Everard’s zoon August in het bedrijf, dat nog datzelfde jaar een geheel nieuw interieur kreeg. In 1972 namen de beide kinderen van August, Albert en Guusta de zaak over, met de Arnhemsemeisjes. Inmiddels is de zaak overgegaan door de familie Jurjus die uiteraard de traditie van de Arnhemsemeisjes¬†voort zet.

Arnhemsemeisjes op wikipedia

[/col] [/row]